De resultaten van de vijfjaarlijkse enquête door de ogen van collega's.

Sinds 1985 schotelt de Vlaamse Dienst Speelpleinwerk (VDS) om de vijf jaar alle speelpleinen in Vlaanderen en Brussel een uitgebreide vragenlijst voor. Deze laat ons toe om het speelpleinwerk in kaart te brengen en om evoluties in het speelpleingebeuren op te sporen. Het is een bron van informatie die we gebruiken om ons beleid, aanbod en dienstverlening af te stemmen op de noden van het werkveld. Met een jaar uitstel, omwille van corona, hielden we opnieuw een bevraging eind 2021. De resultaten, een rapport van 115 pagina's lang, zijn er. In de komende weken vragen we verschillende collega's vanuit hun functie om naar de enquête te kijken en vanuit hun expertise een eigen interpretatie, visie en/of aanbevelingen neer te schrijven.   

 

Onze staffers kregen enkele vragen voorgeschoteld om hen richting te geven in hun kijk op de resultaten. 

  • Vanuit mijn functie vond ik het heel fijn om te lezen dat... 
  • Deze conclusie/deze cijfers verraste mij op een positieve manier.
  • Als ik één (hoofd)thema moet kiezen waar we met de VDS volgende jarne op moeten inzetten is het wel...
  • Tegen de volgende enquete hoop ik dat volgende cijfers anders zijn.
  • Met volgende conclusie/cijfer ga ik zelf aan de slag.

 


de resultaten door de bril van onze lokaal ondersteuners

Simon Knaeps, Lokaal ondersteuner Antwerpen

Hi peeps! Simon is de naam. 

Mijn speelpleincarriere bedraagt ondertussen toch verschillende hoofdstukken in het boek van mijn leven. Ik ben begonnen op speelplein 't Weyneshof, waar ik een goeie 7 jaar als animator en later als hoofdanimator aan de slag ging.  

Daarnaast had ik de eer om een stevig hoofdstuk van 10 jaar te schrijven als vrijwilliger bij VDS Antwerpen. Ettelijke cursussen, feestjes, vormingsdagen en vooral zotte verkleedpartijtjes later kwam dé opportuniteit naar boven: de functie van lokaal ondersteuner in Antwerpen kwam vrij. 

Ik sprong. Dat is duidelijk. Ik mag ondertussen al 2.5 jaar vertoeven op alle speelpleinen in Antwerpen en jullie bijstaan met raad en daad!


Kobe Swennen, Lokaal ondersteuner Limburg

Hallo iedereen, Kobe hier! 

Mijn VDS jaren startten eigenlijk ook al veel voor mijn professionele VDSjaren. Maar laat ik beginnen bij het begin. 

Ik ben geboren en getogen op Speelplein Zowiezo in Hasselt. Ik heb daar 10 prachtige speelpleinjaren mogen meemaken en nam op een gegeven moment zelf het roer over als voorzitter. 

Ondertussen werd ik ook in het VDS-bad gezogen. Ik werd in 2012 vrijwilliger bij de VDS en deed dat met bakken goesting, tot ik daar mijn professioneel petje mocht oppakken. 

Ik startte initieel als medewerker Jeugdwerk Voor Allen (nu Komaf) en sprong nog eens op het moment dat de positie van Lokaal Ondersteuner Limburg vrij kwam. Daar zit ik al sinds 2018 om mijn stoeltje!


Speelplein, da's voor iedereen!

Een speelsysteem voor elk kind

Elk kind heeft andere noden en wensen en elk kind is zo anders. Daarom zien we ook dat bepaalde kinderen beter in het ene speelsysteem hun ding vinden dan in het andere. Toch merken we dat, als een speelsysteem voldoende variatie biedt (is het nu door verschillende activiteiten aan te bieden, of door een helemaal open speel aanbod) dat de meeste kinderen het snelst tot intens spelen komen. 

Het is fijn te zien dat, ondanks de beperkingen die de coronavakanties met zich meebrachten, er toch veel speelpleinen dit jaar plannen terug te grijpen naar dat vrij spelen.  Elk speelplein gaat aan de slag met hun eigen visie, elk met hun eigen uitwerking: maar spelen om te spelen blijven ze duidelijk op 1 zetten!

 


Elk speelplein gaat aan de slag met hun eigen visie, elk met hun eigen uitwerking: maar spelen om te spelen blijven ze duidelijk op 1 zetten!

Inclusie

Een derde van de organisatoren heeft geen aanbod voor kinderen met een beperking. 100% is uiteraard niet haalbaar en het is de vraag of dit zelfs wenselijk is. Toch koester ik de hoop dat dit aandeel zal slinken en dat meer en meer werkingen blijven schaven aan hun toegankelijkheid. Het streefdoel lijkt mij dat er niet meer gedacht wordt vanuit beperkingen en de extra zorglast dat kinderen met een beperking met zich meebrengen naar de werking, maar dat organisatoren blijvend inzetten op het vormen en ondersteunen van hun speelpleinploeg en alle andere pijlers van hun speelpleinwerking om hun toegankelijkheid te vergroten. Op die manier zijn kinderen met een beperking geen ‘extra werk’, maar is het een logisch automatisme. Nogmaals: werken aan toegankelijkheid is niet enkel voordelig voor kinderen met een hogere zorgnood, werken aan toegankelijkheid is goed voor alle stakeholders van je werking of dat nu kinderen, animatoren, ouders of de bakker om de hoek zijn!   


Jongeren als motor van het speelplein

Speelpleinwerk is jeugdwerk, daar past een jaarwerking dus goed bij

Driekwart van de organisatoren hebben een jaarwerking. Bij die organisatoren is het in 60% van de gevallen het speelplein zelf die dit op poten zet; in 40% van de gevallen is het een groep animatoren die de jaarwerking organiseert. Wanneer er geen jaarwerking is, spreken de animatoren in de meeste werkingen toch nog spontaan onderling af. 

 Het doet me ook plezier om te lezen dat veel speelpleinen inzetten op een jaarwerking. Een jaarwerking is het ideale instrument om je ploeg samen te houden, om vriendschapsbanden te ontwikkelen en in ere te houden. Dankzij die zalige activiteiten blijf je als ploeg samen gaan voor de kinderen, het speelplein en elkaar. Daar zijn veel van mijn beste herinneringen aan mijn speelpleintijd aan verbonden. Al die zotte leidingsactiviteiten, leidingsweekends, feestjes,.. blijven in mijn geheugen gegrift. 

En toch blijft aandacht voor die ploeg belangrijk. 

Na ons congres in 2020 gaven we een duidelijk signaal binnen én buiten de sector dat speelpleinwerk jeugdwerk is. Nu is het kwestie van die jongeren binnen het speelpleinwerk blijvend te engageren en speelpleinwerkingen hierin te ondersteunen. Elk jaar is het voor veel werkingen lichte paniek bij het zoeken naar voldoende animatoren om tegemoet te komen aan de hoge opvangnood binnen de gemeente. Zeker nu na twee coronazomers heel de wereld weer is opengegaan vangen we enorm veel signalen op dat het voor veel werkingen nu écht heel moeilijk wordt om hun basiswerking waar te maken.

Animatoren blijven toch langer dan verwacht hangen

We merken dat - ondanks signalen over de moeilijkheid om de planning op te maken - er toch nog heel wat jongeren zijn die lang op het speelplein blijven hangen. Tot zelfs 5 jaar lang. De waarde hiervan valt niet te onderschatten. Het vasthouden van die ervaring, het binden van animatoren aan jouw speelplein zorgt ervoor dat kennis kan doorgegeven worden. Dat het speelplein ook een thuis kan zijn voor nieuwe animatoren, die met vallen en opstaan, mogen experimenteren en kunnen terugvallen op zij dit al wat ervaring hebben.  

Maar zoals de cijfers ook aangeven, wilt het niet zeggen dat omdat iemand lang op het speelplein blijft hangen, zij ook net meer ervaring hebben. Door het opnemen van kortere engagementen, duurt het soms langer om ervaring op te bouwen dan zeer intense zomervakanties met veel speelpleinweken op de teller van één animator. We moeten als VDS hier voor waken en elke animator, ondanks de aantal jaren, vorming en ervaringskansen blijven aanbieden. Ook speelpleinen moeten hierop blijven inzetten.  


Cursussen zijn niet en mogen nooit ‘attestenfrabriekjes’ worden, maar moeten in eerste instantie altijd een vrijplek zijn waar jongeren gevormd kunnen worden, in alle betekenissen van het woord.

We moeten inzetten op meer geattesteerde en/of gevormde animatoren

 

Het volgen van een (hoofd)animatorcursus en het nadien behalen van je attest (hoofd)animator in het jeugdwerk is allesbehalve heiligmakend. Daar zijn we ons meer dan wie dan ook van bewust. En toch breek ik met plezier al mijn lansen voor het volgen van die cursussen en het behalen van die attesten.

We zijn al volop actief nieuwe en alternatieve vormen van kadervorming –met succes- aan het uittesten, maar in welke vorm je nu ook kadervorming aanbiedt, het samenkomen met leeftijdsgenoten in een speelse context blijft van onbeschrijflijke waarde. In de ontmoeting met elkaar en onze getalenteerde vrijwilligers ontstaat er vaak een ervaring die voor veel jongeren nieuw is. Jongeren worden (al dan niet voor het eerst) gestimuleerd om verantwoordelijkheid op te nemen en hiermee aan de slag te gaan. Wat dat betekent voor een laat-pubertijdbrein valt niet te onderschatten. 

Cursussen zijn niet en mogen nooit ‘attestenfrabriekjes’ worden, maar moeten in eerste instantie altijd een vrijplek zijn waar jongeren gevormd kunnen worden, in alle betekenissen van het woord. 

Download het rapport met alle resultaten



Jo Van den Bossche werkt al 35 jaar bij de VDS en is algemeen directeur. Sasja Rooman heeft al 10 jaar als VDS-vrijwilliger achter de kiezen en sinds januari kersvers voorzitter van de VDS. Ook zij lieten hun deskundig oog vallen op de resultaten. Het dubbelinterview kan je lezen in ons laatste magazine Pit.  


Wauter is de volgende

 

Wauter mag met zijn unieke kijk de volgende keer naar de resultaten kijken. Wauter is zowel lokaal ondersteuner in Brussel als onze medewerker rond speelinitiatieven. 


Zij deden hun verhaal al...

Jo, Directeur

Jo is al jaar en dag aan de slag bij de VDS. Hij heeft heel veel evoluties en trends zien komen en gaan, zowel binnen de VDS als binnen het speelpleinwerk.
Lees zijn unieke kijk op de vijfjaarlijkse speelplein enquête. 
 


Yana, Externe toegankelijkheid

Yana is onze medewerker toegankelijkheid. Zij ging vanuit haar functie door de enquête en ging op zoek gaat naar cijfers die verband houden met toegankelijkheid, inclusie, diversiteit... Haar kijk op de zaken lees je hier.