Over spelen

Onze speelvisie

De Vlaamse Dienst Speelpleinwerk wordt al jaren gewaardeerd voor zijn sterke visie op spelen. Spelen en spelen is twee. ‘Spelen’ is voor de VDS niet hetzelfde als ‘spelen op het speelplein’. Bij het spelen op het speelplein wordt er een concrete invulling gegeven aan hoe spelen het best wordt georganiseerd volgens de methodiek ‘speelpleinwerk’. Spelen zelf is een veel ruimer begrip.

Vrijheid is een basisvoorwaarde

Spelen gebeurt in de vrije tijd, een tijd waarin er plezier beleefd wordt. Een belangrijk aspect van het plezier ligt in het beheren van die tijd. Er moet een bepaalde mate van vrijheid zijn. Hoe meer vrijheid er bestaat in het spelen, hoe groter de kans op betrokkenheid. Wanneer iemand steeds zegt wat je moet doen, kan je alleen maar ‘nadoen’. Het is dan zo goed als onmogelijk om betrokken te raken, omdat het spel niet jouw spel is. Wanneer er veel vrijheid is, is het makkelijk voor het kind om er zijn ding van te maken. 


Spelen en moeten staan haaks op elkaar. Als spelen moet, is het dan nog spelen?

Vrijheid in het spelen is niet zomaar gelijk aan keuzevrijheid. Hoewel spelen meestal een open begrip is, kan een kind ook vrijheid vinden in een ‘verplicht’ spel. De vrijheid binnen een ‘verplicht’ spel kan je best omschrijven als actorschap. Een kind is actor in zijn eigen spel als het dingen naar zijn eigen hand kan zetten. Veel hoeft dat vaak niet te zijn om toch een bepaalde mate van vrijheid te ervaren.

Intens spelen als streefdoel

Je kan spelen om wat tijd te doden, je kan spelen omdat je het niet kan laten, je kan doelbewust spelen om iets te bereiken, maar je kan ook helemaal opgaan in spelen. Intens plezier betekent niet noodzakelijk uitgelaten enthousiasme. Soms kunnen kinderen ook zeer stil en geconcentreerd bezig zijn en daar intens plezier aan beleven.  

Men spreekt van intens spelen wanneer er betrokkenheid is. Wanneer je betrokken bent bij het spelen, is het alsof – heel even – alleen het spel bestaat. Naast vrijheid als basisvoorwaarde, zijn er 3 versterkende eigenschappen:

Interesse

Er is een gezonde dosis interesse nodig in het spelen om er betrokken bij te geraken. Zo zal een bosspel in het thema ‘leger’ een groep meisjes misschien niet betrokken krijgen, ook al zit het uitdagingniveau net goed. Anderzijds lijkt macramébandjes maken geen bijzonder grote uitdaging maar leunt het dicht aan bij de interesse van een paar kinderen. Ze halen dan weer genoeg uitdaging uit een mooie kleurencombinatie vinden of een hele arm vol bandjes krijgen.

Comfort

Om alle remmen los te laten bij het spelen, helemaal in het spel op te gaan en volledig betrokken te geraken bij het spel, moet je je comfortabel voelen. Een comfortabel gevoel krijg je als combinatie van veiligheid (fysisch comfort) en geborgenheid (psychisch comfort). Hoe comfortabeler je je voelt, hoe minder je wordt afgeleid. Comfort en uitdaging klinken misschien als tegenpolen maar kunnen perfect samengaan. Een uitdaging 4 wordt helaas pas haalbaar als ze binnen je mogelijkheden ligt. Een te grote uitdaging is onveilig en zal je daarom aan je voorbij laten gaan.

Een voorbeeld: een touwenparcours is uitdagend maar je bent beveiligd met touwen. De begeleiding legt perfect uit wat je moet doen. Nog een voorbeeld: een voetbalmatch van de 6-7-jarigen tegen de tieners is uitdagend genoeg voor de kleine kerels omdat ze tegen sterkere spelers moeten opboksen, hun groep is echter iets groter waardoor ze de geborgenheid van de groep meekrijgen. Voor de tieners is dat net omgekeerd. De uitdaging is spelen tegen een grotere groep, de geborgenheid ligt in hun geloof in eigen kunnen…

Uitdaging

Wanneer je de gepaste uitdaging hebt gevonden, bevind je je op de rand van je mogelijkheden. Vaak kom je dan terecht in een toestand die ‘Flow’ wordt genoemd. Het is de plaats waar je capaciteiten en je uitdagingen elkaar ontmoeten. Deze toestand is zeer belonend omdat je iets nieuws aanpakt maar vanuit een vertrouwde basis. Je kan er jezelf helemaal in verliezen. Je kan door de omgeving geprikkeld worden om in zo’n flowtoestand te komen. Maar je kan jezelf ook in een dergelijke toestand brengen door impulsen aan het spel toe te voegen: nieuwe regels, andere materialen, extra spelers. Een uitdaging hoeft niet steeds ‘waauw’ of avontuurlijk te zijn. Een kleine verandering aan een spel is soms al genoeg om uitdaging te geven.

Enkele voorbeelden: je Barbies voor het eerst in bad stoppen, een voetbal in de boom trappen, een appel zo goed mogelijk natekenen, de zakdoek achter de begeleider leggen, een schopje begraven in de zandbak, iemand foppen…

De VICU-meter

Hoe meer uitgesproken deze eigenschappen aanwezig zijn, hoe groter de kans op een hoog betrokkenheidniveau is en bijgevolg hoe groter de kans op intens speelplezier. Om dat principe te visualiseren, werd de VICU-meter ontwikkeld, waarin de elementen Vrijheid, Interesse, Comfort en Uitdaging gevisualiseerd worden. In vier kolommen wordt getoond hoe sterk elk element aanwezig is.


De voorkeur van de kinderen, is ook de onze

Uit alle recente onderzoeken blijkt dat kinderen, als ze zelf mogen kiezen, de voorkeur geven aan een open benadering van spelen. Het open aspect van spelen, spontaan en ongedwongen, biedt het meeste kansen op intens spelen. Hierin ligt het intense plezier dat ze zoeken. Wanneer er plezier is, ontstaat er goesting om verder te spelen, ontstaan er herinneringen, ontstaat er een goed gevoel. 


Onze visie op spelen op een speelplein

Het uitgangspunt: variatie én keuze

Vakantie voor kinderen is niet anders dan voor volwassenen. Het staat synoniem voor mogen en niet moeten. Het is kiezen waar jij zin in hebt. Op dat moment ervaar je een écht vakantiegevoel!
Spelen is het hoofddoel, intens spelen het streefdoel. Kinderen hebben vakantie, de VDS streeft naar vakantie beleven! Als speelpleinen willen dat kinderen op hun werking een écht vakantiegevoel ervaren, dan zijn keuze én variatie noodzakelijk. 

Elk kind is anders. Het ene kind wil spelen in de zandbak, een ander wil meedoen aan een kookactiviteit, nog een ander wil samen met vriendinnen dansen. Het ene kind vindt uitdaging in een avonturenparcours, een ander zoekt het comfort op in een zelfgebouwd kamp of leest strips. Dit uitgangspunt bepaalt voor de ons de opdracht van speelpleinen: een speelomgeving creëren met zoveel mogelijk speelmogelijkheden voor alle kinderen! De VDS streeft ernaar om die speelmogelijkheden te vergroten en beter te benutten (schema) zodat élk kind op zoveel mogelijk momenten van de dag zijn gading vindt en vrij is om te kiezen.

A la carte spelen in een open speelaanbod!

Het speelsysteem dat, binnen de vakantiecontext waar speelpleinwerk zich afspeelt, het best beantwoordt aan onze visie is een sterk uitgewerkt ‘open speelaanbod’. Het concept berust op keuze én variatie. De begeleiding biedt gevarieerde activiteiten en kinderen mogen volop spontaan spelen. Ze mogen wisselen en worden gestimuleerd door speelimpulsen en speelhoeken. Kinderen stellen hun speelmenu à la carte samen en genieten volop van een echte vakantie!

De VDS beschouwt speelpleinwerkingen met een andere visie niet als minder kwalitatief. Omgekeerd beschouwt de VDS speelpleinen die volledig mee zijn in onze visie niet automatisch als meer kwalitatief. Kwaliteit is contextgebonden. In de praktijk gaat het over hoe speelpleinen hun visie, de welke ook, toepassen. Het gaat erom in welke mate alle kinderen écht vakantie beleven op het speelplein.

Goe gespeeld!


Op www.goegespeeld.be vind je praktische tips en achtergrond over spelen en speelthema's.

Vanuit een streven naar méér en bétere speelkansen voor élk kind, lanceerde de VDS in 2009 samen met een aantal partners uit de jeugdsector 'Goe Gespeeld!'. Goe Gespeeld! is een pleidooi voor écht spelen en streeft naar een positief speelklimaat in elke gemeente. Tot op vandaag is de VDS voortrekker van dit project.


Wij komen op voor het recht op spelen


Niet alleen in Vlaanderen komt de VDS op voor het recht op spelen. Internationaal vertegenwoordigt onze organisatie België in de International Play Association (IPA). Dit verbond van bijna 50 landen bestaat sinds 1961 en heeft als doel het recht op spelen (zoals omschreven in artikel 31 van het kinderrechtenverdrag) als fundamenteel mensenrecht te verdedigen, te beschermen, te behouden en te bevorderen. In 2016 schoven we aan tafel in Istanbul. September 2017 zijn we te gast op het congres in Canada.       



Het belang van vrij spelen


"Wie economisch denkt en zijn kinderen alle kansen wil geven op een schitterende toekomst, kan hen maar beter wat meer 'vrije tijd' gunnen. En vrije tijd betekent vrijheid"

Liesbeth Gijsel
EOS Psyche & Brein