Ackaert, L. (2005). Waarom kinderen spelen. In De Rycke, L. e.a. De kliksons voorbijgeklikt. Reflecties vanop de zijlijn. Antwerpen-Apeldoorn: Garant.
De Graeve, S. (1994). Je krijgt vrij spel. Kansen tot zelfstandig leren. Wolters: Leuven.
Jans, M. (2001). Kinderen op het speelplein. Meise: Kind en Samenleving.
Laevers, F. & Bertrands, E. (2004). Ondernemingszin (h)erkennen. Leuven: CEGO Publishers.
Lavega, P. (1998). De definities van het spel kritisch herzien – beschouwingen en voorstellen rond de educatieve/recreatieve toepassing van het spelen. In IPA. Verslagboek Europees IPA-congres: de speelsheid van de samenleving. Antwerpen, 15 tot 18 april 1998. Meise: Kind en Samenleving.
Meire, J. (2007). Qualitative Research on Children’s Play. A review of recent literature. Meise: Kind en Samenleving. Van het net geplukt op www.k-s.be.
Van der Teems, I. (1997). Spel en spelen. Plaats, functie en visies. Baarn: Nelissen.
Van Gils, J. (1998). Wat is spelen in de beleving van kinderen? In IPA. Verslagboek Europees IPA-congres: de speelsheid van de samenleving. Antwerpen, 15 tot 18 april 1998. Meise: Kind en Samenleving.
Van Gils, J. (1999). Het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het kind en de pedagogie(k). In Verhellen, E. e.a. Rechten van het kind in en door onderwijs. Leuven: Acco.
Van Gils, J. (2003). Kinderen en jongeren spelen. In Van Gils, J. & Van Rumst, K. (Red.). Bespeelbaar Verklaard. Verklarend woordenboek. Wilrijk: VVJ.
Wildermeersch, D. (1997). Jeugdwerk tussen nutteloze speelsheid en speelse nuttigheid. Paradoxen van het hedendaagse jeugdwerk. Doordenkers en tipgevers (6). Wilrijk: VVJ. |